Belast belastend vleesWat een typische Nederland domineesland discussie leek, is nu ook internationaal een issue aan het worden: we moeten minder vlees eten want het belast het klimaat. Consumenten doen er dus goed aan af en toe het vlees even links te laten liggen. Voor je het weet is het een geloof dat de normen en waarden verandert, zo hopen de voorstanders van dit beleid. In plaats van vrijdag visdag, voortaan maandag vleesloos. In de hoop dat woensdag gehaktdag ook zijn langste tijd heeft gehad. Ooit waren de normen rond het dragen van bont of roken of alcohol achter het stuur ook anders dan nu. In dit soort discussies is de eerste reactie van de vleesproducenten om uit te leggen dat de werkelijkheid ingewikkelder is. Er zijn genoeg deskundigen te vinden die daarvoor argumenten aandragen. Zo levert de voedingsmiddelenindustrie tal van bijproducten die we als mens niet eten en het varken wel. Dat levert al 135 gram vlees per dag op, nog zonder de bijproducten van de frietjes die de grens over gaan. Dan is er nog het vlees van de melkkoeien. Zolang we melk, yoghurt en kaas willen, hebben we melkkoeien en kalveren nodig, en dus krijgen we rundvlees. En dan zijn er nog veel runderen, schapen en geiten die gras eten van plekken waar je geen gewassen kunt telen die direct door mensen kunnen worden geconsumeerd, zoals granen en peulvruchten. Dat maakt ook het advies de frikadel door een kipfilet te vervangen onderwerp van discussie. Voorstanders van vleesloos wijzen er terecht op dat dat allemaal waar mag zijn voor die eerste 135 of - wie weet -200 gram, maar niet voor de laatste 20 procent of zo die we consumeren. En dat we als mens dan wel niet het gras van de veenweidegronden eten, maar dat het rundvee toch ook veel methaan in de atmosfeer brengt. En dat het gezonder voor ons is, wat minder vlees te eten. De ervaring leert dat we het grote publiek met dergelijke discussies niet gaan overtuigen dat ze veel vlees moeten blijven eten. Te moeilijk en waar rook is, zal wel vuur zijn. Voor je het weet, veranderen inderdaad de normen en waarden. Het lijkt me dan ook beter om als vee- en vleesindustrie hier munt uit proberen te slaan. Ik vraag me af wat er zou gebeuren als we tegen de regeringsleiders die in Kopenhagen over het klimaatprobleem gaan vergaderen zouden zeggen: ‘prima, zorgt u dat de vleesetende vervuiler betaalt. Zet een hek rond de Amazone, hef belasting op de sojateelt als die milieuvervuilend is, reken de schade uit die dieren aan het klimaat veroorzaken en leg een overeenkomstige belasting op of geef een CO2 quotum. Gebruik de belastingopbrengst om dat hek rond de Amazone te betalen of om CO2 vast te leggen of te compenseren. Doe dit wereldwijd of in ieder geval voor de EU, Noord- en Zuid Amerika, Australië, Nieuw Zeeland en Thailand en wij zullen niet klagen over level playing field. Op die manier hoeft de consument bij het schap alleen maar op zijn gezondheid en de prijs te letten, en niet op allerlei vleeswijzers met bijbehorende ingewikkelde discussies.’ Natuurlijk wordt het vlees (en de melk) hier fors duurder van. Maar de vraag is of de consument het dan ook links laat liggen. Misschien gaat het wel net als met de benzine, de consument betaalt rustig de accijns, en Shell maakt mooie winsten. Als agrarische sector willen we al jaren hogere prijzen, en dit helpt. Je kunt beter 2 procent marge hebben op vlees van 10 euro per kg dan op vlees van 5 euro per kg. Zelfs al verkoop je 20 procent minder. En dat is altijd nog beter dan dat de consument 20 procent minder koopt zonder hogere prijzen. Krijn J. Poppe
dinsdag 10 november 2009
|

















